Van Gorilla Tactiek naar de AUM Meditatie - Over Geweld en Therapie

Interview met Swami Anand Veeresh door Swami Prem Bavala

Wat bij mij opkomt bij het woord "geweld" is een andere wereld, genaamd de Verenigde Staten. In New York City kon ik leven en mij bewegen in deze gewelddadige jungle – ik hield mij meestal op in de gewelddadige buurten. Ik was een kleine onbelangrijke dealer. Ik verdiende net genoeg om mijn verslaving te onderhouden. Als het moeilijk werd, dan vond ik dat het tijd werd om me op te geven voor een ontwenningskuur. Ze helpen je met drugs van je drugsverslaving af: ze helpen je er op een hele prettige manier van af. Dan kun je vertrekken en … opnieuw beginnen.

Ik herinner mij een keer dat ik in Spaans Harlem was; ik zat op een dieptepunt. Ik droeg een geopend mes in mijn schoen, omdat ik zo bang was. Iedereen moest wel een mes hebben. Wij waren ongeveer met z’n vijven en zaten daar in gehurkte houding en we hadden geen drugs. Stel je het tafereel voor: Porto Ricanen – zweterig, lelijk en kwaad. En toen kwam die toerist door de straat wandelen en foto’s nemen. We stonden met z’n vijven tegelijk op. Het was een woordloos verstaan: een toerist die rondloopt in Spaans Harlem…

Mensen waren aan het roepen en schreeuwen; overal lawaai; mensen waren op straat op trommels aan het slaan. Het was volledig Spaans, en deze knaap liep gewoon door, en het ging klik, klik. Wij staken de straat over zonder iets te zeggen. We grepen hem beet, pakten hem op en brachten hem in een halletje. Hij begon te schreeuwen, maar natuurlijk zou niemand in de buurt er iets van zeggen. We trokken zijn kleren uit, zodat hij ons niet achterna zou komen en we pakten zijn camera en verder alles wat hij had.

Onze leider had een grote ijzeren vijl zonder handvat en hij wilde hem daarmee steken. Ik stapte naar voren en zei, ‘Nee, je hoeft deze knaap geen pijn te doen. We hebben het geld, we hebben alles!’ Hij bleef proberen hem te steken, maar ik verhinderde dat. De knaap lag op de grond, op z’n knieën, schreeuwend en huilend – de één of andere dwaze Europeaan die op het verkeerde moment in Spaans Harlem liep.

In het begin, toen ik in therapiegroepen zat, richtten ze zich voortdurend op dit geweld. Ze moedigden ons aan om emotioneel en verbaal agressief tegen elkaar te zijn, want op straat was het gewoon puur van ‘ik steek je kapot’. In de encounter sessies moedigden ze ons aan al die dingen te zeggen die je nooit tegen iemand zegt, omdat dat ‘verlinken’ wordt genoemd. Je praat niet openlijk tegen iedereen over je zaakjes.

Het gaf een enorm gevoel van vrijheid om je verbaal en emotioneel gewelddadig te uiten zonder iemand pijn te hoeven doen of te voelen dat iemand je pijn ging doen omdat je eerlijk bent. Ik leerde dat voor de eerste keer in de Encounter groepen in New York.

Wij leerden ons geweld om te zetten in een constructieve emotionele catharsis, wat we onszelf nooit toestonden, omdat we alleen maar aan het spuiten waren, onszelf aan het kapot maken met pijnstillers. Ze moedigden het aan deze gevoelens te uiten, en dat was precies wat ik nodig had. Ik had drie jaar nodig van steeds maar weer mijn kop leeg schreeuwen, ‘Ik haat je, ik haat je, ik haat je!’ – ‘Ik maak je kapot!’ – ‘Je doet me pijn!’ – ‘Nooit meer!’ – en al dat soort dingen.

En toen ging ik naar Londen om mijn eigen project te beginnen.

Ik herinner mij in Poona, in de zeventiger jaren, toen Teertha een Encounter groep leidde waarin deelnemers lichamelijk geweld mochten gebruiken in naam van therapie, en ik hield daar niet van.

Ik ging toen naar Poona voor een rustperiode. Toen ik daar een dag of wat was, werd Teertha ziek, en mij werd gevraagd zijn groep over te nemen. Ik denk dat hij er genoeg van had die groep te doen en dat hij blij was dat ik was gekomen.

Toen ze in de opbouwfase zaten van de Chambers (de therapieruimten in de kelder), nodigden ze mij beneden uit en vroegen mij of er iets nodig was? Ik zei, ‘Ja, je hebt matrassen nodig langs alle wanden, zoals in een gecapitonneerde isoleercel.’ Zij zeiden, ‘Waarom?’ ‘Omdat mensen in groepen allerlei dingen doen.’ Dat was dus een zware beslissing. Tenslotte zei iemand op een grote vergadering, ‘Veeresh vindt dat er matrassen moeten zijn.’ Ik was heel blij toen ik zag dat ze alle muren hadden gecapitonneerd.

De groep was drie dagen aan de gang, en na de derde dag liep ik naar binnen. De mensen zaten tegen de muur en niemand praatte met iemand. Iedereen had z’n eigen plaats, iedereen wilde in de gaten houden of iemand ging opstaan en iemand slaan.

Het was een vreemd soort encounter groep. De uitspraak was dat het enige dat er kan gebeuren is dat je dood gaat – een hele duidelijke uitspraak. Je kon het zien in de groep, niemand praatte met iemand; iedereen was erg bang en afgesloten. Ik wist dat het een proces was, en dat na ongeveer zeven dagen de groep langzaam dichter bij elkaar zou komen en goed zou functioneren, maar toen ik naar binnen liep, zei ik, ‘Ik verander de regels. Het enige dat in deze groep kan gebeuren is dat je kan leven.’

Toen vroeg ik naar dat lichamelijke geweld. Ze zeiden dat je de groepsleider niet mocht slaan. Ik zei, ‘Wel, daar ben ik het mee eens.’ Dat was een regel waar ik van hield. Toen vertelde ik ze dat ze ook elkaar niet mochten slaan. Dat was nog een regel en de groep kon het niet geloven. Ik zei, ‘Lichamelijk geweld is gemakkelijk, en het maakt me ziek. Ik haat het, weet je, ik ben één van die misbruikte kinderen die opgroeide terwijl ik misbruik overal om mij heen zag, en ik weet heel goed hoe je dat moet doen, dus we gaan er mee stoppen. Ze waren heel blij.

Toen stond een oudere vrouw op en liep naar die grote knaap die daar zat en ze begon hem te vertellen wat een vreselijke vent hij was door haar te slaan. De knaap stond langzaam op. Ik kon zien dat hij woest begon te worden en op het punt stond haar te slaan, toen ik zei, ‘Als je haar aanraakt, sla ik je in elkaar!’ Zo was ik aan het proberen in een groepsruimte een niet-lichamelijk geweldscontract vast te stellen. Zo gek was ik.

Ik wil geen lichamelijk geweld, ik houd niet van mishandeling en als je het toch doet, zal ik je laten zien wat mishandeling kan inhouden. Die knaap begreep het en ging zitten.

Ik ging naar Osho toe en vertelde Hem dat de groep met Teertha volledig één richting uitging en mij dat niet beviel, zodat ik besloot een volledig andere richting op te gaan. Osho zei, ‘Heel goed. De groepsleden wisten niet hoe ze met jou moesten omgaan, omdat ze probeerden met Teertha om te gaan. Jij kwam met een totaal andere aanpak binnen, dus wisten ze niet wat er gebeurde. Jij gooide ze in een complete chaos.’

Het was waar; de groep was totaal in de war gebracht.

‘In de toekomst moet jij groepen ontwikkelen waarin alles chaos is. De groepsleden kunnen dan niet vertrouwen op wat er gebeurt, ze weten dan niet hoe ze zich naar jou toe moeten gedragen. Ze weten niet wat ze van jou als leider kunnen verwachten en niemand weet wanneer er iets begint en niemand weet wanneer er iets eindigt, en niemand weet wat er gebeurt. Als je mensen in deze chaos blijft houden, zullen zij heel erg diep gaan.

Op een keer, ten tijde van de Falkland-oorlog, deed ik een groep in Engeland en raakte in een lichamelijk gevecht met één van de groepsdeelnemers. Daarna ging ik naar Osho. Als therapeut voelde ik mij een mislukking. Ik wilde het opgeven groepen te doen; ik wilde het opgeven met mensen te werken. Ik ging naar Osho toe met de bedoeling om Hem te zeggen, ‘Dit is het. Ik kan niet meer met mensen werken. Ik heb het hele idee van werken met mensen geweld aangedaan.’ Toen heeft Hij, in zijn trailer in Rajneeshpuram, lang met mij gesproken. Hij zei mij dat de mens de laatste drieduizend jaar altijd in oorlog is geweest. Ik bleef maar luisteren en tenslotte zei Hij tegen mij, ‘ Dit is een goede les geweest. Iets heel erg diep in je heeft zich bevrijd en je zal zoiets nooit meer doen.’ Ik ging die verplichting aan. ‘Nee, ik zal nooit meer…’ En toen gaf Hij mij de taak – en ik vat dit heel persoonlijk op – om de beste therapeuten in de wereld op te leiden, en ik zei, ‘Natuurlijk.’

In het werk dat wij hier doen op de Humaniversity, is lichamelijk geweld niet toegestaan. Het kan mij niet schelen hoe je het wilt rechtvaardigen – misschien raak je gefrustreerd, maar lichamelijk geweld – we moeten daar een grens trekken. Dat is niet de manier waarop ik met mensen wil werken. Dat is uit ervaring.

Wij laten het niet toe dat mensen zich inlaten met wat ik noem ‘gorilla tactiek’. Zoals ik eerder zei, boosheid en woede kunnen worden gekanaliseerd in een constructieve emotionele catharsis. Dat maakt deel uit van het werk van de Humaniversity. En dan aan de andere kant, als mensen in hun leven zijn verkracht en misbruikt, kunnen we daarmee aan het werk gaan in therapiegroepen. Allereerst is het nodig dat zij dit met elkaar delen; dan kunnen ze worden begeleid naar het herbeleven van hun gevoelens en dan ook de andere kant laten zien - de woede - die kant meer dan alleen de slachtofferkant. En uiteindelijk gedaan krijgen dat de persoon toegaat naar iets dat positiever is in zijn leven, in plaats van verwikkeld te blijven in het verleden. Want op een bepaald punt moet je zeggen, ‘OK – het is genoeg.’

Je hoeft geen tien jaar therapie te doen. Twee of drie jaar therapie moet voor iedereen genoeg zijn. Dan moet je met meditatie beginnen. Dat is wat wij hier doen: wanneer je open staat brengen wij je er toe te huggen en halleluja te schreeuwen.

Als je in een situatie zit waarin je mishandeld wordt, of als er dingen gebeuren die je weerzin opwekken, vertrouw dan je gevoel, en stap uit de situatie. Je hoeft geen experiment te zijn voor de frustraties van iemand anders. Een prachtige manier om aan je agressie richting te geven is met Oosterse gevechtskunsten, Osho-Do. Je moet leren hoe "ja" te zeggen, hoe je open te stellen, hoe te huggen, en je moet leren hoe ‘nee’ te zeggen als het nodig is, jezelf te verdedigen tegen misbruik.

De Israëli's en de Palestijnen weten dat het in hun belang is een overeenkomst te bereiken en vrede te hebben. Aan beide kanten weten ze dit – iedereen in de wereld weet dit – dat dit zinvol is, voor de economie – maar doen ze dat ook? Nee, ze zijn allemaal verbonden in één of andere blinde, irrationele kracht, en het geweld gaat door.

Er zijn een paar echt fantastische mensen nodig die zouden moeten zeggen, ‘Genoeg! Laten we gaan zitten en dit uitwerken. Laten we hiermee stoppen. Laten we allebei gaan samenwerken om hiermee te stoppen en aan vrede werken en samenleven en de grenzen open stellen en in beider economieën deelnemen en ons vermengen en succes hebben en de spannendste plek in het Midden Oosten worden, waaraan we met z’n allen deel hebben. Dat zou werkelijk prachtig zijn.

Maar nee… Ze zitten in dit, ‘Jij hebt dit gedaan’ ‘Ja, maar jij hebt dat gedaan.’ En dan komen eeuwen van haat naar boven. Iedereen heeft een vendetta – iedereen is pijn gedaan. Er zijn echt een paar uitzonderlijke mensen nodig die kunnen zeggen, ‘Laten we hiermee stoppen.’

Ons antwoord op geweld op straat is de AUM Meditatie. Hij kan worden aangepast; je kunt hem samenstellen naar de behoefte van de groep en de specifieke situatie in het land waar je bent. Het werkt. Het werkt echt. Er zijn gedeelten die misschien niet nodig zijn in een bepaalde situatie, en er zijn gedeelten die moeten worden uitgebreid, of je moet er andere dingen aan toevoegen. Als basis is de AUM een uitstekende hulpmiddel.

Ik gaf de AUM in Israël, en aan het eind zei een vrouw dat volgens haar de AUM zo niet gaat. Zij was gewend de echte AUM te doen. Dan kom ik en ik verleng de ‘ik haat je’ in meer fasen. Ik liet ze allemaal met zichzelf schreeuwen, ik liet de vrouwen tegen de vrouwen schreeuwen, en de vrouwen tegen de mannen schreeuwen en dan de mannen en de vrouwen iets als ‘vrijheid voor allemaal’ schreeuwen. Ik vond het heel belangrijk dat ze dat deden. Na het schreeuwen liet ik ze hun ogen dicht doen, twee stevige vuisten maken, hun armen omhoog steken naar het plafond en schreeuwen, ‘Ik heb de kracht!’ En dan jongen, je voelde het, net alsof ze er echt achter stonden. Het was fantastisch.

Ik zou de Israëli's en de Palestijnen willen leren de AUM te doen, omdat het een goed hulpmiddel is mensen te leren hoe met geweld om te gaan, hoe dezelfde energie te gebruiken om vriendschap te laten ontstaan.

De AUM is echt een goed hulpmiddel om in de hele wereld te gebruiken. Het heeft zin; iedereen kan het doen; je kunt gemengde groepen maken; je kunt Israëliërs en Palestijnen bij elkaar brengen; je kunt een emotionele ontlading laten ontstaan en een elkaar ontmoeten. Het is nodig. Overal waar ik kom lijkt het nodig: Argentinië, Brazilië, Israël; en de mensen die het doen waarderen het echt. Ze voelen het echt – zij krijgen die op transformatie lijkende blik. Het lijkt er op dat we wat meer Israëli's gaan krijgen; zij willen de training voor AUM-begeleider gaan doen, dus er is hoop voor de toekomst!

de uitleg van de AUM meditatie
de begeleidende muziek verkrijgbaar op een dubbel CD.
Meditatie Agenda voor Nederland & Belgie

 Osho books / Boeken Meditatie  Pareltjes / Pearls Music Home Meditation GiftShop

OSHO PUBLIKATIES
 
Churchillstraat 11, 7091 XL Dinxperlo
 tel. +31-(0)315 – 654 737
 e-mail:info@osho.nl

 
© Copyright teksten, foto’s en illustraties van Osho: Osho International Foundation
 © Copyright Nederlandse teksten van Osho: Osho Publikaties
 Voor informatie over kopiëren/publiceren van teksten van Osho, zie: 
www.osho.com/copyrights